Geen marketingvergelijking, maar de natuurkunde erachter: waarom afstand tijd kost, waarom één machine een enkel faalpunt is, en wanneer een gewone server nog steeds de betere keuze is.
Licht legt in glasvezel ongeveer 200 kilometer per milliseconde af. Amsterdam–Toronto is 5.500 kilometer, dus 27 milliseconden één kant op — in het gunstigste geval, in een rechte lijn, zonder apparatuur onderweg. In de praktijk is het eerder 45.
Nu telt het aantal keren dat er heen en weer gereisd wordt. Een verbinding opzetten kost een ronde, de beveiligde verbinding opzetten kost er nog een, het verzoek versturen en het antwoord ontvangen kost er weer een. Voordat de eerste letter op het scherm staat, ben je zo aan 150 tot 250 milliseconde kwijt — alleen aan reistijd.
Dit is geen probleem dat je met een snellere processor oplost. Het is een probleem van afstand, en de enige oplossing is de afstand kleiner maken.
Een server is één machine in één rek in één gebouw. Elke storing daar is een volledige storing voor jou: een schijf die stukgaat, een update die misloopt, een stroomstoring, een netwerkkabel die eruit getrokken wordt tijdens werkzaamheden.
Providers lossen dat op met reserveonderdelen en noodstroom, en dat werkt tot op zekere hoogte. Maar de fundamentele situatie blijft: er is één plek waar alles vandaan komt, en die plek kan onbereikbaar worden.
In plaats van één plek gebruikt een edge-netwerk honderden plekken. Alle locaties kondigen hetzelfde IP-adres aan — dat heet anycast — en het internet zelf levert een bezoeker af bij het punt dat vanaf zijn positie het snelst bereikbaar is.
Dat lost beide problemen tegelijk op. De afstand wordt klein voor iedereen, niet alleen voor bezoekers in de buurt van jouw datacenter. En er is geen enkel punt meer: valt er een locatie uit, dan neemt de eerstvolgende het over zonder dat er iets omgezet hoeft te worden en zonder dat DNS hoeft te verlopen.
Er is nog een derde effect dat vaak vergeten wordt: aanvallen worden ook verdeeld. Een botnet dat zich op één server richt, richt zich hier op honderden locaties tegelijk — waarvan elke afzonderlijke locatie de belasting nauwelijks merkt.
Wij verkopen edge-hosting, en toch: er zijn gevallen waarin een gewone server de juistere keuze is, en we zeggen dat liever vooraf.
Zware, langlopende processen. Videobewerking, grote datastromen, machine learning-taken die minuten of uren draaien. Dat past niet in een model dat op korte verzoeken is gebouwd.
Software die je niet kunt herbouwen. Een bestaand pakket dat een specifieke database en een specifiek besturingssysteem nodig heeft. Dan draai je dat waar het thuishoort.
Strikte eisen over waar data staat. Moet alles aantoonbaar op één fysieke locatie in Nederland blijven, dan is een verdeeld netwerk per definitie niet wat je zoekt.
In de praktijk kiezen de meeste van onze klanten geen van beide uitersten, maar een combinatie. De website, de statische bestanden, de beveiliging en de cache staan op het netwerk. De applicatie die niet verplaatst kan worden, blijft draaien waar hij draait — op een eigen server, een NAS of een machine op kantoor — en is bereikbaar via een uitgaande tunnel.
Je krijgt dan de snelheid en de bescherming van het netwerk vóór je systeem, zonder dat je iets hoeft te herbouwen. En je hoeft geen enkele poort open te zetten, wat op zichzelf al een reden is om het zo te doen.
Geschreven door het team van Neuralex Edge. Alle genoemde meetwaarden zijn eigen metingen; methode en datum staan in onze meetlat. Zie je een fout of mis je iets? Laat het weten via contact — correcties vermelden we erbij.
De nulmeting is gratis en je krijgt het rapport ook als je verder niets afneemt.